Topsporthal niet groot, wel knus

maandag 13 oktober 2003

door Gert-Jaap Hoekman en Herman Nijman ZWOLLE - De manager voor alles en nog wat was zaterdag, een uurtje voor de wedstrijd, nog even flink druk met het aanleggen van de houten vloer. Toch vond Mark Broere later op de dag nog de tijd om een biertje te drinken en te genieten van de eerste duels in de nieuwe topsporthal. ‘Het was een loodzware zomer, maar het is het allemaal waard geweest.‘

In de Landstedehal is de laatste dagen koortsachtig gewerkt. Zelfs de sporters, die de hal vorige week nog zagen, keken op van de ingrijpende veranderingen. Alles is nieuw. De lucht van de verf hangt er nog. De kleuren zijn warm: blauw, geel en rood. Het oogt met vijfhonderd plaatsen knus.  
 
De vloer is een meevaller. Die komt van Breda Basketbal, maar lag na het faillissement van de Brabanders in het magazijn van de leverancier. Het is een prima ondergrond, alleen het leggen leverde de eerste keer fikse problemen op. Broere zag het zaterdagmiddag, toen hij om half twee binnen kwam. Een deel van de vloer bedekte het putje, waar de paal van het volleybalnet in moest. Dus kon de vloer er weer helemaal uit, om nog een keer van voren af aan te beginnen. ‘Dat weten we dan ook weer voor de volgende keer‘, lacht Broere.  
 
Rein van der Kamp, speler van Landstede Basketbal:  
 
‘Ik kwam hier binnen wandelen, maar schrok wel toen ik zag dat de helft van de vloer nog open lag. Dan moet je niet zeiken, maar de handen uit de mouwen steken. De volleyballers deden het ook, dus vond ik het ook niet meer dan normaal. Met die Stilohal was eigenlijk niets mis, maar ik heb nu al het gevoel dat deze hal beter is. Doordat de tribunes veel dichter op het veld staan vergroot je de sfeer. Als ik dan een driepunter maak, merk je gewoon dat het publiek ontploft.‘  
 
Als volleyballer van Oranje was Broere drukke en hectische zomers gewend. ‘Maar in mijn carrière heb ik nooit zo‘n zware zomer gehad als deze zomer.‘ De speler werd manager van beide takken. Voor twintig uur in de week. ‘Ja, op papier dan.‘ Hij stapte vrij naief in, zegt Broere. Als speler had hij het gevoel dat Landstede de boel wel aardig had georganiseerd. ‘Maar er zit meer in.‘ Het lijmen, warm maken en vertrouwen winnen vrat tijd. Het gezin heeft nog bloemen en aandacht tegoed.  
 
Karin Wienen, supporter:  
 
‘Deze hal is een verrijking voor Zwolle. Als je topsport in deze stad serieus wilt aanpakken, is het ook noodzakelijk dat je goede accomodatie hebt. Het is wel jammer dat het nog niet vol is, misschien moeten ze nog wat meer promotie maken. Als het dan uitverkocht is, zul je merken dat de sfeer vanzelf komt. Die is er vandaag nog niet. In de WRZV hal was die er wel altijd, maar ik vertrouw erop dat het hier minstens zo gezellig gaat worden.‘  
 
Broere kreeg snel inzicht in de financiële mogelijkheden. ‘Ik dacht dat er een veelvoud beschikbaar was.‘ Mannen als Wout van Velzen en Peter van der Goot haakten daardoor af. ‘We hadden geen keuze. Als we nu Europees hadden gespeeld waren we in december failliet geweest. Dat heb ik bij Vrevok al een keer meegemaakt. We speelden mooie Europese wedstrijden. Maar ja, in november was het op. En ik moest wel gas, water en licht betalen.‘  
 
Uiteindelijk kreeg Broere in samenspraak met de coaches Hansma en Van den Belt toch selecties op papier, die potentie hebben. ‘Daar kunnen we mee bouwen.‘  
 
Kars van Tarel, speler van Landstede Volleybal:  
 
‘Het bevalt me erg goed om hier te spelen. De Stilo was wel gezellig, maar voor topvolleybal was het plafond veel te laag. Op de manier waarop wij verdedigen springt de bal hoog op. Daar hadden we nu geen last van. Zo hebben we aardig wat punten kunnen maken. Er is hier heel hard gewerkt en het ziet er toch perfect uit?‘  
 
De (min of meer noodgedwongen) verhuizing was de extra oorzaak voor bakken met werk. In de Stilohal waren er meer huurders, werd de planning een probleem. Broere was blij met het alternatief. Een topsporthal, maar niet te groot. ‘Hier verzuip je niet, zoals in Rotterdam. Het is gek, maar ik voel mij hier al beter thuis dan in de Stilohal.‘  
 
De hal is het nieuwe visitekaartje. Straks, na de training op dinsdag, eten de teams daar samen. Met die kleine dingen wil Broere het gemeenschapsgevoel versterken. En dan kan de manager zich meer richten op de lange termijn. ‘Daar is nog geen tijd voor geweest.‘

< Terug naar het overzicht